Doorgaan naar hoofdcontent

groep 3, in een heel ver land



 
 
In een heel ver land...(2)
 
Groep 3 themaperiode 4, tussen voorjaars- en meivakantie.
 
De verhalen bij de tekeningen van het leven van Afram en Tom.
 


We gaan voetballen.
De jongens gaan samen voetballen.
Maar we weten nog niet hoe die bal is gemaakt.
En ze voetballen op hun blote voeten.
En ééntje rent zo hard dat hij valt.
En één jongen scoort.
Hij heeft een blauwe broek aan.
En sommigen hebben ook een shirtje aan.
En we zien   ook palmbomen en hutjes.
Eleanore en Max

We gaan voetballen.
Tom wordt getackeld.
En Tom had een goal gemaakt.
Met een kopbal.
Tom had de bal heel hoog geschoten.
En hij schoot  de bal in het net.
En de scheidsrechter heeft een bril op.
En de scheidsrechter heeft een zwart shirt aan en een zwart broekje.
Jip en Ella
 
  Ik ben gaan fietsen met mijn vriendjes.
Ik zie hutten en ik zie kinderen.
Ik zie een fiets.
En op de fiets zit een jongetje.
Ze hebben samen één fiets.
En de andere kinderen rennen achter de fiets aan.
Pascalle en Sanne
 
Vandaag was het een heel gewone dag.
De huisjes lijken van zand  gemaakt.
Afram brengt de geiten naar de stal.
De mensen dragen een mand op hun hoofd.
In de mand zitten hun kleren.
En die gaat de mevrouw wassen in de rivier.    
Pieter en Lieke 

Mijn neefje is komen logeren.
Hij is met de boot gekomen.
Wij vinden het raar dat het zeil van de boot scheef staat.
De mensen hebben jurken aan.
En we zien hun huis.
Maar waar poepen en plassen ze?    
Babs en Tim

Vandaag was het de laatste schooldag voor de vakantie.
We zien een krijtbord.
En er liggen boeken op de grond.
En de kinderen tekenen op het bord.
En de meester vertelt de kinderen een verhaal uit een boek.
En er zijn kinderen die op een ezel rijden om naar huis te gaan.  
Si Lin en Michiel

Ik heb mijn vader en moeder met allerlei werkjes geholpen.
Afram klom in een boom.   
En Afram tilde de emmers.
Hij ging naar de geit.    
Nathalie en Liam

  We zijn naar de stad geweest om boodschappen te doen.
Er  zit een geit in de bus.
Er zijn wel twee geiten in de bus.
En de trein is van het spoor  afgereden.
De bus gaat naar de stad.   
Iske  en Coenraad


Reacties

Populaire posts van deze blog

Expertlezen over organen en de zintuigen.

Expertlezen over organen en de zintuigen. Posterpresentaties. Presenteren aan elkaar. Woordenschat. Woordenboek. Groep 4/5 basisschool De Korenaar, thema 2 herfst-kerstvakantie. We maken in tweetallen een keuze voor één van de organen. Later doen we nog een ronde expertlezen, maar dan over de zintuigen. We lezen gekopieerde teksten, maken geel wat interessant en belangrijk is. Schrijven daarna een samenvatting. En typen onze tekst zelf uit en verzinnen dan een inleiding en een afsluiting. Tot slot zoeken we passende illustraties bij de geschreven tekst. Ook in dit thema ontdekken we veel nieuwe woorden, we noteren de woorden en oefenen hun betekenis. De nieuwe Van Dale-woordenboeken zijn ook een grote bron van inspiratie. De kinderen lezen er heel graag in.

groep 3, op reis, op safari naar Afrika, wat weet ik al, wat wil ik weten?

Op reis naar Afrika, op safari!     Groep 3 themaperiode 4, tussen voorjaars- en meivakantie.   We bekijken samen het boek 'De gele ballon' van Charlotte Dematons en besluiten dat we op reis gaan naar Afrika, we gaan op safari!  Eerlijk gezegd hebben wij als leerkrachten voor het safari-thema gekozen. Als leerkrachten van de groepen 3, 3/4 en 4 in de middenbouw werken we veel samen. En  een dierenthema spreekt altijd zeer tot de verbeelding van kinderen, we gaan ons richten op de grote dieren van Afrika! Als startactiviteit in de eerste week bekijken en bespreken de kinderen in tweetallen een kijkplaat over Afrika uit het boek 'De gele ballon'. Daaruit ontstaan lijsten van 'wat weet ik al? ' en 'wat wil ik weten over Afrika? '     Die vragen zijn bij wijze van vragenwand gegroepeerd rond de kijkplaat. 
  Groep 4 geschreven door Inge ten Bergen  De verteltafel over Pluk van de Petteflet:   De Torteltuin in gevaar We hebben een aantal lessen gewerkt aan onze verteltafel over Pluk. Ik ben begonnen met het voorlezen van het verhaal. Omdat het om acht lange hoofdstukken ging en de kinderen het verhaal goed in hun hoofd moesten krijgen heb ik bij een paar hoofdstukken na afloop met de kinderen een woordveld ingevuld met de belangrijke dingen die in het hoofdstuk waren gebeurd. Bij andere hoofdstukken heb ik de kinderen aantekeningen laten maken terwijl ik aan het lezen was. Dit was de eerste keer dat we dat deden maar het ging al best goed. Sommige kinderen schreven een hele bladzijde vol en anderen hadden een paar dingen. Voor de kinderen die het lastig vonden stopte ik in het begin steeds na een stukje en vroeg wie er al wat gehoord wat heel belangrijk was voor het verhaal. Zo leerden zij wat de bedoeling was van de andere kinderen.   Na afloop van een hoofdst...